Download bergherbos

 Heuvelachtig bos op stuwwallencomplex uit de voorlaatste ijstijd

S heerenberg bij huis bergh start wanderoute smokkelroute 5 km.

Rob van den Dikkenberg, coördinator regiowerkgroep Montferland van IVN Oude IJsselstreek: 'Mijn favoriete plek?
Moeilijk. Alles is mooi, als je het maar wil zien. Maar moet ik kiezen, dan het Bergherbos. Daar is zo veel te zien: heuvels, bos, hei, een spreng, cultuur.
Je hebt de Hulsenberg met uitkijkto- ren: 104 treden omhoog en dan zie ik
onder andere Posbank, de bruggen bij Arnhem en de Elterberg in Duitsland.
De Hettenheuvel is de hoogste met 91,6 meter. Er is zelfs een toppenwandeling van 42,2 km, over achttien toppen.
Moet ik nog even doorgaan? Er valt zoveel over te vertellen. Met onze IVN- werkgroep geven we hier elke zomer zeven maandagavonden excursies
mensennatuur
en de mensen zijn altijd enthousiast.
De groepen worden steeds groter. De laatste maandagavond hadden we 45 man. We proberen steeds nieuwe routes te bedenken. Zo gingen we een keer met een groep door de adelaarsvarens van circa twee meter hoog, alsof je door het oerwoud loopt! Dat kon, omdat we wisten dat ze de volgende dag gerooid zouden worden. De excursies zijn heel leuk om te doen, maar het voorwande- len met de andere gidsen vind ik nog leuker, want dan leer je veel van elkaar.
In 2011 zijn mijn vrouw en ik naar 's-Heerenberg verhuisd, voor de rust.
Een jaar later volgde ik de gidsencursus.
Dat was ook goed voor het integreren hier. Interesse in de natuur had ik al,
maar ik was voorheen druk met werk en kinderen. Zeven jaar geleden ging ik met prepensioen, dus ik heb de tijd. Natuur betekent voor mij rust. En verwondering over wat er allemaal groeit en bloeit.
Vrijwel dagelijks kom ik in het Berg- herbos. Via de tuin van de buren kijk ik erop uit. Ik ga meestal alleen, dat vind ik het lekkerst. Dan zoek ik de rustige plek-
ken op. Lekker struinen en dan zitten op een bankje. Ik kijk hoe reeën voorbijko- men en hoor de stilte. Toeristen hebben het Bergherbos nog niet ontdekt.'
Kom eens meelopen:
www.ivn.nl/afdeling/de-oude-ijsselstreek/ regiowerkgroep-montferland

Montferland (streek)
Naar navigatie springenNaar zoeken springen

Bergherbos in Montferland

tussen Zeddam en Beek, zicht op de heuvels van het Montferland
Het Montferland is een heuvelachtig bosgebied in het oostelijk deel van de provincie Gelderland, nabij Zeddam. Het ligt tussen de plaatsen Doetinchem, 's-Heerenberg, Didam en de Duitse grens. Het gebied wordt vooral bepaald door een aantal heuvels, waarvan de Hettenheuvel met 91,6 meter de hoogste is. Rondom de heuvels liggen akkers die omzoomd zijn met houtwallen en die rijk begroeid zijn met kruiden.
Het gebied is onderdeel van een stuwwal die zich vanaf het Montferland via Kleef en Nijmegen richting Betuwe uitstrekt. Deze stuwwal is gedeeltelijk door de eroderende werking van de Rijn verdwenen maar is in de diepere ondergrond nog aanwezig.
Andere heuvels zijn de Galgenberg met een hoogte van 66,8 meter, de Eltenberg (net over de grens tussen Elten en Stokkum) met een hoogte van 82,4 meter en de Hulzenberg met een hoogte van 84,6 meter. De gelijknamige heuvel Montferland heeft een hoogte van 66,8 meter.
Montferland bestaat uit het Bergherbos, een gevarieerd bos te midden van de akkers, de Byvanck, een landgoed met een vogelrijk eikenbos waarvan het huis niet toegankelijk is, en het Bevermeer, een gebied met loofbosjes en houtwallen, dat de verbinding vormt tussen Montferland en Veluwezoom. Het gebied wordt beheerd door Natuurmonumenten.
Sinds de gemeentelijke herindeling van 1 januari 2005 is de nieuwe gemeente gemeente Montferland vernoemd naar dit bosgebied.
De langeafstandsroute het Pieterpad loopt door de streek.
Externe link
· Natuurmonumenten.nl Montferland

 

Augustus)
M
et mijn broer begeef ik mij naar Montferland, in het Bergherbos. 
Dit waren de bossen die ik als kind leerde kennen, tijdens een verblijf in Nederland dat slechts zes maan­ den duurde, maar waarover ik in de jaren daarna kon blijven dromen. Ze sloten veel meer aan bij de ridder- en spookverhalen dan de kale, door geiten kaalgevreten oceaanrots waar ik tot mijn dertiende woonde.Verbeelding en herinnering; ik hoefde slechts mijn ogen te sluiten om terug te zijn, en de verhalen die mijn vader vertelde — in verbeten dialect —, speelde ik af voor mijn geestesoog, vaak verzon ik nieuwe. Op deze door ijstijden opgestuwde heuvelruggen kon het in de oude tijd gebeuren, dat boerenknechten, wanneer zij in dronken overmoed dwars door het bos gingen, de witte wieven tegen het bevallige lijf liepen, en al wie het overleefde was nooit meer dezelfde.
Ik begin bij de heuvel Montferland, waar duizend jaar geleden de burcht Upladen stond. Hier voerde de heldin van mijn tweede roman, gravin Adela ‘de Wrede’ van Hamaland, een strijd op leven en dood met haar zuster Liutgardis. Liutgardis was de abdis van het Stift op de top van Hoog- Elten, vijf kilometer verder, over de Duitse grens. Het conflict ontstond toen hun bei­ der vader besloot zijn immense grafelijke goed in tweeën te delen.
Op de heuvel is een uitkijkpunt, vanwaar het stiftkerkje in de winter te zien moet 
zijn, maar nu ontrekken de hoge bomen het aan het zicht. Wij dalen de steile heuvel af over de spiralende weg, en begeven ons in de richting van de Galgenberg.
Elfenbankjes
Het is de heetste zomer in tientallen jaren, zo is mij verteld, en volkomen windstil. Wij besluiten de rulle zandpaden te verlaten, en gaan dwars door het bos, over de zachte verende bodem, tussen de halfvergane be­ moste en met elfenbankjes begroeide boomstammen; dit moet één van die ge­ deelten zijn waar de natuur haar gang mag gaan.Verderop ziet het er opeens weer saai en ordelijk uit, eindeloze rijen gelijke stam­ men, op regelmatige afstanden van elkaar, kale sparren die pas op grote hoogte naald- kronen dragen. Hier verstikt het duister de lage groei, of voorkomt dat het zelfs maar opkomt. Zelfs op deze plek is de hitte drukkend en onheilspellend, en ik geef toch al de voorkeur aan loof; weg van hier! 
Wij komen op een heideveld dat groten­ deels overwoekerd is door lang, bijna wit- gebleekt gras, pluizig als heksenhaar. Dit, en de nevels die je hier ’s ochtends ziet han­ gen, moet ooit de bron zijn geweest van de wittewievenfblklore.
Soms kun je hier nog een klappersteen vinden, een gedeeltelijk holle kei die ijzer­ erts bevat, en ratelt als je hem schudt; in de vroege Middeleeuwen smolten de smeden het ijzer eruit. Andere stenen hier zijn van duizenden kilometers afstand aangesleept uit het hoge Noorden.Tot hier was het ijs gekomen, en niet verder.
Alles hier is dorstig. Als de sprinkhanen van Prediker slepen wij ons door de onheils­ zwangere namiddag, op zoek naar koelte en verkwikking; als hier al kappersstruiken waren, dan zouden de bessen verschrom­ peld zijn. Dit is ook het geval met de lijs­ terbessen, en erger nog, de bramen. Wij vinden er nog wat, maar de meeste zijn al 
verdroogd voordat zij goed en wel konden rijpen. Groen overheerst nog, maar overal beginnen dorre randjes aan te komen, zelfs de varens ritselen dorstig langs onze benen als wij voorbijkomen.
Wij beklimmen de Galgenheuvel en tot mijn verbazing vinden wij hier uiteindelijk wel grote, rijpe bramen; helaas, wandelaar, zij zijn er niet meer. Maar waarmee hebben deze bramen zich gevoed? Met rode vin­ gers lopen wij verder en komen bij een bosrand, waar pasgemaaide maïsvelden lig­ gen te blaken. En dan opeens staat daar midden in zo’n veld een zuil van stof en op waaiende vergeelde maïsbladeren, een zeer plaatselijke wervelstorm, die minuten­ lang standvastig om zijn eigen as blijft draaien. Wij blijven kijken tot hij oplost; zelf hebben wij nog geen zuchtje wind gevoeld.
Zwarte stronk
Terug het bos in: hoe mooi is het principe van doen door niet doen, de ruimte gege­ ven aan deze cyclus van leven en dood, die zwarte stronk, die vrijwel geen takken over heeft, maar aan alle kanten twijgjes doet ontspruiten uit de knoesten, in een wanho­ pige poging om te overleven. Het doet denken aan een dode man van wie haar, baard en nagels, dagen, weken doorgroeien als hij al onder de zoden ligt te vergaan. En dan staan daar een beuk en een spar, als een uitgeput danspaar leunend tegen elkaar; een ongelijksoortig liefdeskoppel, in een omar­ ming van takken. Een anomalie, toeval?
Even verderop zien wij hetzelfde verschijn­ sel, een echo van het eerdere beeld; een symbiotische verstrengeling? Wij haasten ons voort, verderop wacht het bier.
En nu, terwijl ik dit schrijf, ruist de regen op het dak van mijn woonboot; hoeveel dagen heb ik dit jaar niet in stadscentra verspild? Laat die dorstige zomer nog even voortduren.
 

Open configuratie-instellingen

 

Hagedissen en slangen in het Bergherbos
De koudbloedige hagedissen en slangen moeten 's ochtends eerst opwarmen voordat ze voedsel kunnen gaan zoeken. Gaat u mee?


Bergherbos
ÏROEN AAN DE GRENS
. =* tegen de Duitse grens kun je wandelen door eindeloze : :ssen die vastgeklampt liggen op een oude stuwwal. Reken ius .vel op wat hoogteverschillen. Mooie vergezichten over de : ~' ogende akkers, dorpjes én over de grens zijn je beloning.
Je- rï" deze route bij Uitspanning 't Pees- ie O- Een leuke plek om midden in het bes :e genieten van koffie met taart of Ber u gebreide lunch of high tea. Vanaf pieste volg je de paaltjes met rode pijlen, ■fardé op kruisingen waar paaltjes ont- kben steeds gewoon rechtdoor. In het Be"*erbos ligt een aantal bronnen. Ze :-■;::-ze- doordat regen op de stuw-
wallen viel en er aan de randen weer uit sijpelde. De karpervijver @, die tijdelijk dienstdeed als stuwmeer voor een watermolen, is ooit ontstaan uit de bron Groot Peeske. Even verderop ligt nóg een bron: Klein Peeske @, die er met zijn rijk begroeide bodem wat natuurlijker uitziet.
Loop verder langs de rand van het bos, waar je uitkijkt over uitgestrekte akkers



. Weer in het bos kruis je een wat breder pad , waarna de route verdergaat over een wat avontuurlijker smal bospaadje waar je af en toe moet bukken voor laaghangende takken. Hier begint een klim naar het hooggelegen punt vanwaar je door de bomen heen net het Duitse dorp Elten kunt zien liggen. Het hoorde van 1949 tot 1963 nog bij Nederland. In het bos zie je onder de bomen veel adelaarsvarens, die op sommige plaatsen wel manshoog zijn. Het betekent dat dit bos echt heel oud is. Loop verder over de Hulzenberg naar een volgend uitzichtpunt i , waar je uitkijkt op 's-Heerenberg en het plaatsje Stokkum met zijn molen aan de rechterkant. Het pad is vaak omzoomd door allerlei veldbloemen, zoals de helblauwe korenbloem. Wanneer je het bos weer in loopt, zie je vooral douglas- soarren 1 die ooit voor de houtproduc- : e zijn aangepland. De inhammen langs
het pad dienen ervoor om het water op te vangen tijdens zware regenval en het pad zo enigszins begaanbaar te houden. Bijna bij het eindpunt zie je wat een mensenhand van de natuur kan maken: uit boomstronken zijn houten huisjes en een zitje gehakt
TIP Na afloop zijn er in de omgeving, behalve 't Peeske, nog een aantal leuke restaurantjes waar je al die fijne natuurervaringen eens goed kunt laten bezinken. Pannenkoekenhuis De Sprokkelaar 0 of Eetcafé Samsam © in Beek bijvoorbeeld. Of ga naar 't Klaphek @ in Stokkum: leuk als je met kinderen komt, want er is een speeltuin en een speelkamer.


O UITSPANNING 'T PEESKE
Peeskesweg12, Beek 0316 - 532 804, www.peeske.nl OPEN dagelijks vanaf 10.00 uur
o PANNENKOEKENHUIS DE SPROKKELAAR
Sint Jansgildestraat 77, Beek 0316 - 532 699, www.sprokkelaar.nl OPEN mei-okt ma & wo-vr vanaf 16.00 uur, za-zo vanaf 12.00 uur; nov-apr za-zo vanaf 12.00 uur (bijbehorend café is andere dagen wel geopend); groepen kunnen op afspraak altijd terecht
0 EETCAFÉ SAMSAM
Sint Jansgildestraat 52a, Beek 0316 - 532 054, www.eetcafesamsam.nl OPEN dagelijks vanaf 11.00 uur
® 'T KLAPHEK
's-Heerenbergseweg 2-4, Stokkum 0314 - 661 228, www.tklaphek.nl OPEN apr-sep dagelijks vanaf 11.00 uur; okt-mrt vr-zo vanaf 11.00 uur