• Plaatsen in Limburg: Herkenbosch

21 DE MEINWEG 10.7 OF 16,9 KM
Wild zwijn
Het wildzwijn isbezig aan een opmars, vooral in Limburg en Noord- Brabant. Door zachtere winters sterven minder dieren en kunnen meer jongen worden grootgebracht. Ook levert een milder klimaat betere mastjaren op, zodat het wild zwijn meer eikels en beukennootjes kan eten.
Daarnaast is in Nederland meer loofbos ontwikkeld, dus het potentiële leefgebied is groter geworden.
Meer over het wild zwijn: zie pag. 158 en 159.
Kapel St. Ludwig O
Tijdens de wandeling passeer je de St. Ludwigkapel.
Het gebouw, dat is gebouwd in begin 1900, is een overblijfsel van een kloostercomplex dat in 2015 is gesloopt. Het kapelletje en de naastgelegen begraafplaats zijn echter behouden en worden tegenwoordig onderhouden door Staatsbosbeheer.
■ START- EN EINDPUNT: bezoekerscentrum De
Meinweg / De Boshut, Meinweg 2, Herkenbosch (LB). ■ OV: vanaf NS-station Roermond rijdt bus 63 ri. Poster- holt. Uitstappen bushalte 'Meinweg' in Herkenbosch.
Volg de borden 'De Meinweg' naar het bezoekerscentrum en De Boshut.
· PARKEREN: zie info start- en eindpunt.
· HORECA: , , dalheimer-
.
deboshut.nl stludwig.nl
muehle.de/nl
· HONDEN: niet toegestaan.
1. Ga, staand op het asfaltweggetje met je rug naar restaurant De Boshut, LA en volg het pad tussen het grasland door. Op T-splitsing LA. Negeer verderop pad van rechts met hek en loop RD. In de bocht naar rechts passeer je een paar huizen van recreatiepark Reewoude. Blijf pad langs rand van het recreatiepark volgen. Pad gaat later grasland in. Op T-splitsing LA. Bij hoek van bos en ruiterknooppunt (RKP 86) RD. Na klaphek op kruising RD het bos in.
2. Steek oude spoorlijn over en bij RKP 88 RD ruiterpad. Blijf pad alsmaar RD volgen. Bij RKP 61, 62 en 63 RD. Blijf pad volgen. Na een tijd passeer je een veerooster. Volg stijgend pad met bocht naar links de heuvel op. Alsmaar RD en je passeert weer een veerooster. Na het veerooster (na circa 100 m) scherp RA, dalend pad volgen.
3. Voor de korte route: op Y-splitsing RA. Alsmaar
RD, je volgt het karrenspoor langs de rand van het open terrein. Je passeert een veerooster. Loop door tot volgend veerooster en lees verder bij routepunt 9.
Voor de lange route: op Y-splitsing LA. Volg alsmaar karrenspoor tot aan kruising met brede zandweg.
Ga op deze kruising RD, breed karrenspoor omhoog. Alsmaar RD tot je uitkomt bij een T-splitsing bij een kapel met een hek.
4. Op T-splitsing RA en direct daarna LA. Op T-splitsing RA. Op kruising met smal paadje RD. Op T-splitsing bij KP 76 LA. Volg verderop pad met bocht naar links. Houd op Y-splitsing rechts aan. Je komt uit bij de rand van een hoge stuwwal. Volg pad naar links dat daalt. Je komt uit bij een oude spoorlijn. Steek deze schuin naar links over. Je komt uit op een P-plaats. Steek ook de P-plaats schuin naar links over naar het infopaneel en KP 79.
5. Ga bij infopaneel en KP 79 LA asfaltweg op en kort daarna RA grindpad nemen rechts langs hotel St. Ludwig in Vlodrop. Voorbij de paardenbak LA bos in. Bij infobord 'Roode Beek' RA door zigzaghek, smaller bospad in. Pad gaat over in vlonderpad. Na volgend zigzaghek op T-splitsing RA.
6. Bij de watermolen en KP 93 LA, pad langs meer.
Ga RD onder spoortunneltje door. In bocht bij asfaltweg LA langs huis. Na huisnr. 2 op Y-splitsing links aanhouden, fietspad op. Op kruising bij KP 78 RA. Volg pad langs grasland met bocht naar rechts.
7. Op kruising bij hoek van weiland LA. Negeer zijpaden en loop alsmaar RD. Op vijfsprong bij RKP 90 RD. Volgende vijfsprong ook RD. Pad alsmaar volgen.
8. Op kruising, net voor RKP 73, RD. Kort daarna op Y-splitsing LA, dalend pad volgen. Op Y-splitsing RA. Alsmaar RD, je volgt het karrenspoor langs de rand van het open terrein. Je passeert een veerooster. Loop door tot volgend veerooster.
9. Na veerooster direct RA, pad langs raster. Op T-splitsing LA. Kort daarna op T-splitsing bij RKP 65 RA. Ga onder spoortunneltje door. Na tunnel bij RKP 66 RA en volg daarna zandweg met bocht naar links. Bij een schuilhut met picknickbank en KP 75 RD. Na circa 150 m RA. Op kruising LA.
10. Op kruising bij RKP 69 RA. Ga eerste pad LA.
Op kruising RD. Op T-splitsing RA. Op kruising bij schuilhut met picknickbank LA. Op kruising RD.
Kort daarna op kruising met fietspad ook RD. Op T-splitsing RA. Bij KP 71 LA.
11. Op T-splitsing RA. Klaphek door, pad vervolgen.
Bij KP 70 RD. Op kruising bij RKP 86 LA. Sla eerste pad RA, paadje door grasland. Je passeert weer de huizen van het recreatiepark, blijf het pad volgen langs de rand van het park. Alsmaar RD en je ziet rechts al De Boshut liggen. Loop zelfde weg als heenweg terug naar startpunt.
Bosbeek- juffer G
Wandelen langs een bosbeek is al plezierig, helemaal een feest is het wanneer bosbeekjuffers over het wateroppervlak scheren. Ze houden vooral van schone, koude beken die in de schaduw liggen.
Vooral in Noord-Brabant en Limburg kun je ze nog zien. Ze zijn ongeveer 5 cm lang en de mannetjes hebben een blauw metaalglanzend lijf. De vleugels zijn bijna zwart met een blauwe glans.
Roodborst- tapuitG
De roodborsttapuit is een kenmerkende vogel van hei en duin, maar broedt ook in andere halfopen landschappen. Het nest maakt hij op of laag boven de grond en krijg je niet makkelijk te zien. Een zingend mannetje zie en hoor je snel. Hij zit graag hoog in een alleenstaande boom uit volle, oranjerode borst te zingen.
132
133

 

 

wandeling van 10 of 17 km tussen Herkenbosch en Vlodrop

 

 

 

Aardewandelingen
￯n Limburg
De drie Limburgse nationale
parken - De Maasduinen, De
Meinweg en De Groote Peel -
hebben het fenomeen 'aardewandelingen'
in het leven geroepen.
Dat zijn wandelingen
van ongeveer een uur onder
begeleiding van een Nationaal
Park-gids, uitsluitend gericht
op natuurbeleving.
Aardewandelingen gaan uit
van betrokkenheid met de
natuur door gebruik te maken
van zintuigen en gevoelens.
De gids geeft geen uitleg over
het landschap maar laat de
natuur zelf aan het woord.
Tijdens de Aardewandeling
maak je kennis met de fijne
nuances van de natuur zoals
bijvoorbeeld de wereld onder
je voeten, de wonderlijke dingen
boven je hoofd of met de
scherven van de regenboog.
Een Aardewandeling kan te
allen tijde tussen zonsopgang
en zonsondergang worden
gelopen.
Voor het aanvragen van een
Aardewandeling kunt u contact
opnemen met het IVN Consulentschap
Limburg,
tel.: (0475) 386460, e-mail:
Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.

 

De Meinweg is een ruig gebied van 1600 hectare nabij Roermond, dat een betrekkelijk klein onderdeel vormt van het Duits-Nederlandse grenspark Maas- Swalm-Nette. Je kunt er prettig zwerven door bossen, natte en droge heide, langs meanderende beken en kleine stroompjes. Wie dat nog niet genoeg vindt, kan profiteren van een Europa zonder grenzen en de tocht in het Duitse deel
voortzetten.
Nationale Parken De Meinweg: in Nederland


gemeenschappelijke weide' Door Sjakel van Wesemael
Voor Nederlandse begrippen is de Meinweg wonderlijk geaccidenteerd. Men spreekt van terrassenlandschappen, veroorzaakt door grote oncontroleerbare schuivende en knarsende breukvlakken net onder het aardoppervlak. Er zijn drie bepalende breuken met de namen Peelrandbreuk, Zandbergbreuk en Meinwegbreuk. Ook de waterhuishou- ding heeft daardoor voor ons idee een onregelmatig karak- ter: waar het eerst droog is, is het even later nat. En er ligt zand, Pleistoceen zand, aangevoerd in eenvoudige toen- dratijden toen mensen nog in berenvel rondliepen.
In het Bezoekerscentrum De Meinweg worden deze geolo-
Foto: Joost Bogaerts gische verschijnselen die de basis vormen van dit bijzon- dere gebied heel duidelijk uitgelegd. De geschiedenis van het gebied is vanaf de mensen met berenvellen heel specifiek bepaald door mensen, die van jutezakken tot maatwerkpakken evolueerden.

Hengel
De mensen uit de Brons- en Ijzertijd hebben de eerste bossen gekapt ten behoeve van hakhout, het moet toen een eiken-berkenbos zijn geweest. In die tijd is ook de oorsprong terug te vinden van bijvoorbeeld het dorpje Herkenbosch, de plaats waar in vroeger tijden de Germaanse voorjaarsgodin Herke werd vereerd. Met de komst van het christendom is zij bijgeschaafd tot een vriendelijke meibloem, maar reken maar dat Herke destijds vooreen flink resultaatgericht vruchtbaar vermenigvuldi- gen stond. Vanaf de eerste kap is er op allerlei manieren gebruik gemaakt van de natuurlijke bronnen van het gebied. Het hoogveen werd bijvoorbeeld afgegraven ten behoeve van de turfwinning waardoor vennen zoals het elfenven ontstonden, en heidevelden waar grote kuddes schapen uit de omringende dorpen geweid werden.
Kenmerkend voor het gebied is altijd het gezamenlijk gebruik als gemeenschappelijke weide geweest, of, in dialect: Mein-weg.
Niet alles is veranderd. Nog steeds zijn er veel eiken- en berkenbossen omdat dat nu eenmaal de soorten zijn die zich hierthuisvoelen. Het is een goed gebied om de ver- schillen tussen zomer- en wintereik goed waar te nemen en de ruwe berk en de zachte berk en al het leven wat zich thuisvoelt bij berken-eikenbossen zoals hengel, een leuke halfparasiet, smalle en brede stekelvaren en adelaars- varen.
Foto's: Arno Henderix
Inheemse pijnboom
Daarnaast zijn er nog restanten van plantages met grove dennen ofwel pijnbomenaanplant, die gebruikt werden als stutten in de Limburgse mijngangen. Prettige bijkomstig- heid van het gebruik van dit grove dennenhout was overi- gens dat deze stutten begonnen te kreunen als de mijngan-


gen dreigden in te storten. De pijnboom of grove den wordt wel erg ondergewaardeerd. Lang heeft men aangenomen dat de boom niet inheems was, maar het pollenonderzoek heeft uitgewezen dat de pijnboom hiervolop groeide. Het is zelfs de boom met het grootste verspreidingsgebied in Europa. Maar als gebruikshout is het een boventoon gaan voeren.
Ook de zogenaamde IJzeren-Rijn beïnvloedt het wel en wee van de Meinweg. Deze spoorverbinding tussen België en het Rijnland vindt zijn oorsprong in het scheidingsverdrag van 1839. Het was de toezegging van de aanleg van een rail- of wegverbinding tussen de haven van Antwerpen en Keulen. Dat is na veel geharrewar gebeurd, maar na de Tweede Wereldoorlog is het spoor in onbruik geraakt. Er gaan tegenwoordig weer serieuze stemmen op om de lijn weer in gebruik te nemen en uit te breiden. Niet iedereen is even gecharmeerd van dat idee, want het zou in ieder geval de Meinweg geen goed doen. Bij een van de overgangen staat een bord waarop de Nijntje van Dick Bruna Nein is geworden. Aanvankelijk stond er "IJzeren Nein wil geen trein" inmiddels (voor hoe lang?) IJzeren Nein wil een lijn".
Over het spoor wordt nu, in de zomervan 2004, nog gewoon gelopen.
Ik liep met een oude vriend, figuurlijk natuurlijk, kilometer na kilometer. In een van de pijnbomenpercelen zagen we wroetsporen van wilde zwijnen. "Sssst, dan zien we ze mis- schien in het echt." "Volgens mij zitten we al in Duitsland." "Nou, wat maakt het uit, Nederlandse en Duitse wilde zwij- nen zijn hetzelfde." En de fluiters, gaaien, mezen en merels ook. Toen wij er dwalend een heks tegenkwamen met een vrolijk troepje kindertjes, stond ik zo perplex dat ik vergat een foto te maken. Even later wel een vrolijk gekleurd paaltje. Beide verschijnselen horen bij het natuu- reducatieve programma, dat aangeboden wordt in de Meinweg. We waren duidelijk weer in het Nederlandse deel van het grenspark Maas-Swalm-Nette!






Voorlichting» educatie en recreatie
De coördinator voorlichting en educatie van het nationaal park, Marjan Straver (in dienst bij IVN Consulentschap Limburg), houdt zich samen met de werkgroep Voorlichting Educatie en Recreatie (VER) vooral bezig met de program- matische, inhoudelijke planning op het gebied van educa- tie, voorlichting en natuurgerichte recreatie. De VER bestaat uit het IVN Consulentschap Limburg, Staatsbosbeheer, gemeente Roerdalen en een vertegenwoordiger van het overlegorgaan.
De VER ontwikkelt educatieve programma's en voorlich- tingsactiviteiten om de betrokkenheid bij het natuurgebied te vergroten bij zowel bezoekers, schoolkinderen als omwonenden. De uitvoering van deze activiteiten gebeurt door vrijwilligers, schoolgidsen en excursieleiders.
Daarnaast zijn verschillende routes uitgezet om te wande- len, fietsen en paardrijden. Bezoekers kunnen deelnemen aan regelmatig georganiseerde excursies.
Bezoekerscentrum De Meinweg organiseert ook excursies op aanvraag. Hier zijn ook diverse informatiefolders ver- krijgbaar over recreatieve mogelijkheden in het nationaal park.
Adres: Meinweg 2, 6075 NA Herkenbosch tel. (0475) 52 85 00 Openingstijden: (april tot en met oktober)
- tentoonstelling dagelijks van 10.00 tot 17.00 uur (maandagen gesloten)
- infobalie dagelijks van 10.00 tot 17.00 uur
- horeca dagelijks van 11.00 tot 18.00 uur
Informatie: IVN Consulentschap Limburg, Marjan Straver (coördinator voorlichting en educatie), tel (0475) 38 64 60, e-mail: Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.

 

Op steeds meer plekken in Nederland verrijken ze het bos: wilde zwijnen.
Maar officieel zijn ze niet overal welkom. Of toch wel? Boswachter Bart van der Aa koestert de zwijnen in zijn Brabantse natuurgebied de Stippelberg, zolang het er maar niet teveel worden.


2012: Wat doen die zwijnen hier?
Het was wel een verrassing toen ik op de Stippelberg voor het eerst oog in oog stond met een wild zwijn.
Die hoort hier niet, dacht ik. En hij was niet alleen.
Die eerste zwijnen bleken niet op eigen houtje te zijn gekomen. De dieren waren uitgezet. Door wie weten we nog steeds niet. En we waren er niet blij mee. De zwijnen vertoonden namelijk onnatuurlijk gedrag en zwierven onwennig rond. Ook door land- bouwgebieden, met schade tot gevolg. Auto's waren ze ook niet gewend, waardoor de verkeersveiligheid in het gedrang kwam. Die eerste lichting hebben we daarom moeten afschieten.

2013: Een nieuwe generatie
Opnieuw wilde zwijnen op de Stippelberg. Opnieuw uitgezet, denken we. Deze keer kregen ze veel jon- gen. Wat te doen? Al die wilde zwijnen afschieten?
Dat bleek onhaalbaar. Bovendien gedroeg deze nieuwe generatie zich een stuk natuurlijker. Ze leerden om weg te blijven bij mensen en wegen. En in het bos wisten ze waar en wanneer er eten te vin- den was. Hun geboortegrond werd een natuurlijke thuishaven.
2013: Onrust
De wilde zwijnen bleven. En dat gaf onrust bij de boeren. De Stippelberg ligt in het hart van een gebied met veel intensieve veehouderij, met hon- derdduizenden gehouden varkens in de nabijheid.

Een uitbraak van bijvoorbeeld varkenspest zou enorme impact hebben. De angst voor overdracht is overigens ongegrond. Tussen wilde zwijnen en gehouden varkens is geen enkel contact. Ver- spreiding van dierziekten vindt vooral plaats door menselijke activiteiten. Maar toch, het sentiment leeft wel. De zwijnen vraten ook gewassen, als mais en gras. Die schade kun je als boer wel verhalen, maar dat geeft veel rompslomp. En dan de kans op aanrijdingen, al valt dat nog mee. Aanrijdingen met reeën (gemiddeld veertig keer per jaar in en rondom de Stippelberg) komen veel meer voor.
De zwijnen zetten ook het wildbeleid op zijn kop.
Officieel mogen alleen op de Veluwe en de Meinweg in Limburg zwijnen leven. Daarbuiten niet. Maar handhaving van die nuloptie is een utopie. Ook in andere regio's. Zwijnen, vaak afkomstig uit Duits- land en België, leven inmiddels in talrijke gebieden in zuidelijk en oostelijk Nederland.
2016: Zwijnenoverleg
De zwijnen blijken blijvertjes. Dus gaan we met z'n allen aan tafel. Met de provincie, gemeente, politie, landbouw, jagers, terreinbeheerders, het IVN. Er komt een zwijnentafel (lokaal overleg) en een zwij- nencommissie (provinciaal overleg). Alle belangen worden zorgvuldig meegewogen. De meest wense- lijke insteek is snel duidelijk. We gedogen het wilde zwijn, maar beperken de schade.

2017: Binnen de perken
Het zwijnenoverleg werpt zijn vruchten af. De boeren zorgen voor afrasteringen of schrikdraad, het Faunafonds vergoedt schade, wegbeheerders plaatsen borden en wildspiegels en wij geven, samen met het IVN, voorlich- ting. En onontkoombaar: het geweer houdt de aantallen binnen de perken. Dat gebeurt door eigen medewerkers en goed opgeleide jagers.
We schieten niet graag, maar de zwijnen hebben hier geen natuurlijke vijanden en planten zich snel voort. En op deze manier kunnen we het wilde zwijn als bosbewoner van de Stippelberg behouden.
ooi0 rmtötr fymwd, imwlm (k
lm tórfyéwjw l/MOjftf)'
2013: aanwinst
De droogte van deze zomer was ook zwaar voor de zwijnen hier. Maar door de vele poelen en vennen was er altijd wel een plek om in de modder te baden en te drinken. Ik kom ze dus nog geregeld tegen. Dat is altijd weer een ver- rassing. Het is zo'n robuust, wild dier. Kom hier maar eens wandelen. De gedachte dat je door het bos loopt, wetende dat hier zwijnen leven, maakt je tocht vast spannender. De zwijnen zijn ook een aanwinst voor de natuur Als inheemse bosbewoners spelen ze een hoofdrol in de kringloop. Hun gewroet breekt de grond open, waardoor jonge bomen kunnen, ontkiemen. Ze nemen graag een modder of zandbad . Daar- door ontstaan er kuilen waar allerlei insecten, amfibieën en vogels van profiteren. Zo zorgen zwijnen voor een gevarieerder bos. En dat is wat we willen. In 1994, toen we als Natuur- monumenten de Stippelberg verwierven, was dit een eentonig productiebos. Dat vormen we stapsgewijs om naar natuurlijk bos. Mooi dat de wilde zwijnen ons daarbij helpen, ^